Radiale versus gefocusseerde shockwave therapie. De verschillen.

Radiale versus gefocusseerde shockwave therapie

Wil jij de verschillen ook weten?

De kennis en het gebruik van shockwave therapie door fysiotherapeuten is de afgelopen jaren enorm gegroeid. En dat is niet voor niets. De effectiviteit van shockwave therapie is namelijk goed onderzocht en wetenschappelijk bewezen. Maar ook in de praktijk laat shockwave zich gelden; wanneer conservatieve therapie faalt, blijkt shockwave therapie vaak wel een effectief behandelmiddel.

Misschien heb jij als shockwave geïnteresseerde al verschillende termen gehoord en vraag je je af wat ze betekenen, wat de verschillen zijn en wat dat betekent voor jouw therapie? Dit blogartikel geeft antwoord op jouw vragen!

Dit artikel vergelijkt de ‘radiale’ en ‘gefocusseerde’ shockwave therapie.

We leggen de verschillen graag aan je uit, zodat je de specifieke kracht van elke vorm optimaal kunt benutten.

Alhoewel gefocusseerde shockwave therapie (FSWT) in verreweg de meeste wetenschappelijke publicaties is gebruikt, zien we in toenemende mate ook publicaties van met radiale shockwave therapie (RSWT) uitgevoerde behandelingen.

FSWT is de oorspronkelijke vorm van shockwave. RSWT is jonger, wordt opgewekt met een goedkopere techniek en is daardoor economisch aantrekkelijker om mee te starten. Verreweg de meeste fysiotherapeuten werken met RSWT. Er is wel een verandering gaande, steeds meer praktijken combineren de voordelen van beide technieken.

RSWT en FSWT zijn essentieel verschillend en daardoor ook aanvullend. Steeds meer praktijken combineren de voordelen van beide technieken.

De 6 belangrijkste verschillen tussen RSWT en FSWT

1. FSWT komt dieper

Dieptewerking rswt vs fswt 

FSWT heeft een vaste afstand tussen de behandelkop en de focale zone. Deze is per fabrikant en per model verschillend. Bij de apparatuur van marktleider Storz Medical bedraagt die afstand 3 tot 6 cm. Plaats je de behandelkop direct op de huid, dan vallen weefsels tussen 3 en 6 cm diep in de therapeutische zone. En dat is net het gebied waar de werking van RSWT afneemt of afwezig is. FSWT is dus de enige vorm voor diepere laesies.

Weefsels tussen 0 en 3 cm diepte kunnen ook met FSWT worden behandeld. Hiervoor plaatst men een ‘standoff’ voor de behandelkop. Door de juiste dikte van de standoff te kiezen (1 of 3 cm) kun je de diepte van het therapeutisch gebied kiezen.

2. De prikkelkarakteristieken van RSWT en FSWT verschillen

Fswt versus Rswt prikkelkarakteristieken

FSWT wordt gezien als de ‘echte’ en oorspronkelijke shockwaveprikkel, gekenmerkt door een heel korte golflengte van 1,5 mm. RSWT kent golflengtes 1.500 tot 15.000 mm, dus minimaal 1000 keer zo lang. Daarmee hebben radiale golven meer de karakteristiek van drukgolven dan van shockwaves. In Engelstalige landen spreekt met bij RSWT dan ook van Pressure Wave Therapy of tegenwoordig van Extracorporeal Pulse Activating Therapy (EPAT) Dat dit in het lichaam een ander effect heeft laat zich raden. Desondanks lijken de klinische effecten grote overeenkomsten te hebben bij indicaties die voor beide vormen gelden, met een grotere successcore voor FSWT.

FSWT apparatuur Fyzzio     RSWT apparatuur Fyzzio     Combinatie apparatuur FSWT & RSWT

3. Hoge intensiteiten in diepte mogelijk

Als medium en hoge energiedichtheden worden gevraagd, kan FSWT die leveren. Zelfs in de diepte, met minimale belasting van meer oppervlakkig gelegen weefsels. Deze karakteristiek was vooral bij nierstenen van belang, waarbij met 1000 maal hogere intensiteiten wordt gewerkt dan bij musculoskeletale indicaties. Toch is het ook bij orthopedische indicaties soms een hoge intensiteit nodig. Bij diepere lokalisaties en bij calcificaties, alsook bij non-unions (niet consoliderende botbreuken) zijn hogere intensiteiten nodig die alleen met FSWT gehaald worden.

4. FSWT slaat de oppervlakte over

tekening focus zone

Bij focussed shockwave therapie (FSWT) penetreert een brede bundel van lage densiteit de huid, die convergeert en in het focuspunt en tot een maximale energiepiek komt. De patiënt ervaart aan de oppervlakte weinig sensaties. Vooral in de diepte, in de laesie, ervaart hij tijdens de behandeling een toenemend intensief gevoel dat soms pijnlijk is. Bij RSWT heeft de bundel juist aan de oppervlakte de piek intensiteit, worden huidafferenten maximaal geprikkeld en ervaart de patiënt een scherpe sensatie en soms pijn in de (onder)huid.

5. De effecten op cel-, weefsel- en patiëntniveau worden momenteel onderzocht

Men wil tot een beter begrip komen van de werkingsmechanismen van zowel radiale als gefocusseerde shockwaves. Momenteel is de consensus dat FSWT vooral op celniveau aangrijpt, waar RSWT met zijn ‘trage’ drukgolf meer op structuur- en weefselniveau werkt. Dat verklaart ook waarom shockwave experts steeds meer de combinatie zoeken van beide behandelvormen binnen een zitting. Bij veel orthopedische indicaties wil men immers via een stimulering van de celwerking de regeneratie stimuleren (FSWT). Terwijl het aangrijpen op weefselniveau met RSWT past binnen de fysiotherapeutische denken in functionele units om apart van het lokale herstelproces veel meer de totale regio of zelfs lichaamsdeel bij het herstel te betrekken. Hypertoniën, collageen- en bindweefselstructuren zoals de spier- pees- en lichaamsfascia kunnen effectief met RSWT worden beïnvloed en behandeld. Ook triggerpoints zijn met RSWT aan te pakken om een direct effect te bewerkstelligen.

6. RSWT kent een verscheidenheid aan applicatoren

Naast de standaard behandelkopjes kunnen de drukgolven gecombineerd worden met vibraties, waarmee de weefsel beïnvloeding verder toeneemt. De D-Actor is inmiddels ook in Nederland een veelgebruikte standaard accessoire. Op het terrein van applicatoren vindt veel ontwikkeling plaats, om daarmee de toepassing van RSWT zo specifiek mogelijk te maken voor diverse weefsels en regio’s. Zo heeft Storz Medical recent speciale fascia en spine applicatoren ontwikkeld, voor de behandeling van fascia en triggerpoints en behandeling van paravertebale musculatuur.

Conclusie

RSWT als FSWT hebben hun specifieke indicaties en hebben daarin een bepaalde overlap, vooral bij aandoeningen tot 4 cm diepte met een relatief lage intensiteit. Wetenschappelijk onderzoek toont voor beide vormen hoge successcores, waarbij de combinatie van RSWT en FSWT een hogere tevredenheid geeft.

FSWT stimuleert vooral op celniveau; RSWT grijpt meer aan op weefselniveau.

Shockwave geeft jou als fysiotherapeut behandelmogelijkheden die nieuwe patiënten aan jouw praktijk bindt!

Shockwave apparatuur Fyzzio






Deel dit met een collega: